Algemene Administratie van de
fiscaliteit
  
     
Zoeken op de site   
  Internet FR   
  Home NL   
  Adressen van de federale
  belastingadministraties
  
  FINPROF   
  Fisconetplus   
  Adobe acrobat reader   
Gemeenschappelijke informatie   
  Belangrijke data   
  Nieuwigheden   
  Formulieren   
  Lijst publicaties   
   algemeen   
   fiscaliteit   
  Organigram   
Sector BTW   
  Meest gestelde vragen (FAQ)   
  BTW-identificatie   
  Intracommunautaire
  BTW-nummers
  
Sector directe belastingen   
  Meest gestelde vragen (FAQ)   
  Geregistreerde aannemers   
  Auteursrechten en naburige rechten   
  Spaarrichtlijn 2003/48/EG   
  Exit Tax   
  Personen belastingen-aangifte   
   aangifte aanslagjaar 2011   
   berekeningsmodule Aj.2011   
   dividenden van buitenlandse
oorsprong geïnd in het buitenland
(aanslagvoet van 15%)
  
  Vermindering PWA-cheques   
  Vermindering dienstencheques   
  Roerende voorheffing   
   Aandelen uitgegeven met
STRIP-VVPR
  
  Berekening bedrijfsvoorheffing   
  Tarieven van de gemeente-
  en agglomeratiebelasting
  
  Giften   
   Instellingen   
   Rapport Contactgroep   
  Bezoldiging voor een dienstbetrekking   
  Bericht aan ...   
   inwoners van Duitsland werkzaam
in België
(Nl, Fr, De)
  
   inwoners van Nederland werkzaam
in België
  
  Voordelen van alle aard   
  Berichten aan de werkgevers
  en schuldenaars van inkomsten
  
   fiches en opgaven (Nl, Fr, De)   
   bedrijfsvoorheffing op
bezoldigingen studenten
  
   geschenken van geringe
waarde en sociale voordelen
  
   eigen kosten van de werkgever   
  Investeringsaftrek   
  Tax shelter   
  Vrijstelling bijkomend
  personeel wetenschappelijk
  onderzoek en uitvoer
  
  Indexering   
  Berekening van de
  investeringsreserve
  
  Automatische ontspannings-
  toestellen
  
  Vennootschapsbijdrage
  (sociaal statuut der zelfstandigen)
  Attest van non-activiteit
  

De personen ten laste van de belastingplichtige

Welke personen mag ik ten laste nemen in mijn aangifte?

U kunt, wanneer aan alle voorwaarden is voldaan, de volgende personen ten laste nemen:

  • uw kinderen of geadopteerde kinderen, kleinkinderen of achterkleinkinderen;
  • de kinderen die u volledig of hoofdzakelijk ten laste heeft; Voorbeeld: kinderen van wie de ouders uit de ouderlijke macht zijn ontzet
  • uw ouders, uw grootouders, enz.;
  • uw broers en zusters;
  • de personen die u - toen u kind was - ten laste hadden. Voorbeeld: een tante die u na het overlijden van uw ouders tijdens uw jeugd ten laste heeft genomen

Opgelet!!!

Personen die niet in deze lijst voorkomen, kunnen in geen geval als fiscaal ten laste worden beschouwd. Uw echtgenoot, de persoon waarmee u wettelijk samenwoont of met wie u een feitelijk gezin vormt, kunnen bijgevolg nooit als ten laste beschouwd worden.

  

Welke zijn de voorwaarden om ten laste te kunnen zijn?

Opdat hij ten laste zou kunnen zijn voor aanslagjaar 2011, inkomstenjaar 2010, moet de persoon die hiervoor in aanmerking komt, voldoen aan drie voorwaarden:

Eerste voorwaarde: hij moet deel uitmaken van uw gezin op 01/01/van het aanslagjaar (voor inkomstenjaar 2010 is dit op 01/01/2011).

Dit betekent dat de persoon die u ten laste wil nemen daadwerkelijk en op duurzame wijze met u samenwoont.

Opgelet!

Indien die persoon tijdelijk de gezinswoning heeft verlaten omwille van studies, gezondheidsredenen, enz , wordt hij normaal gezien nog steeds beschouwd als deel uitmakend van het gezin.

De kinderen die in 2010 overleden zijn, worden geacht nog steeds deel uit te maken van het gezin op voorwaarde dat :

  • zij reeds ten laste waren voor het voorgaande aanslagjaar (d.w.z. aanslagjaar 2011, inkomstenjaar 2010)
  • zij in 2010 geboren en overleden zijn.

De andere personen die in aanmerking komen om ten laste te zijn maar in 2010 overleden zijn, worden geacht nog deel uit te maken van het gezin op 1 januari 2011, op voorwaarde dat zij reeds ten laste waren tijdens het voorgaande aanslagjaar (d.w.z. aanslagjaar 2010, inkomstenjaar 2009).

De kinderen die in 2010 doodgeboren zijn of verloren zijn bij een miskraam van ten minste 180 dagen zwangerschap, worden ook geacht deel uit te maken van het gezin op 1 januari 2011.

Een kind dat in 2010 vermist of ontvoerd is, wordt eveneens geacht nog deel uit te maken van het gezin op 1 januari 2011, op voorwaarde dat :

  • het reeds voor aanslagjaar 2010 (inkomstenjaar 2009) te uwen laste was;
  • het op 1 januari 2011 nog geen 18 jaar was;
  • u de verdwijning of ontvoering uiterlijk op 31 december 2010 hebt aangegeven bij de politie of terzake een klacht

hebt ingediend bij het parket of bij de Belgische overheden die bevoegd zijn inzake ontvoeringen van kinderen.

Tweede voorwaarde: zijn nettobestaansmiddelen mogen een bepaald bedrag niet overschrijden.

Het kind mag maximum € 2.890 netto bestaansmiddelen (bestaansmiddelen = alle inkomsten uit welke aard ook) genieten in inkomstenjaar 2011 indien het ten laste is van gehuwden. Voor een kind ten laste van een alleenstaande bedraagt dit € 4 170 en voor een gehandicapt kind ten laste van een alleenstaande bedraagt dit € 5 290.

Er is inzake de berekening van de netto bestaansmiddelen inzake studentenarbeid en onderhoudsuitkeringen in een vrijstelling voorzien van respecievelijk € 2410 voor studentenarbeid* en € 2890 voor onderhoudsuitkeringen indien deze regelmatig betaald worden.

Wij merken hierbij op dat die vrijstelling enkel mag toegepast worden op de inkomsten behaald met een contract voor studentenarbeid. Die vrijstelling is dus niet van toepassing indien de inkomsten behaald werden met een gewone werknemersovereenkomst.
 

Voor kinderen ten laste verschilt dit bedrag naargelang u als alleenstaande wordt belast of samen met uw echtgenoot of wettelijk samenwonende partner wordt belast.

Derde voorwaarde: hij mag geen bezoldigingen ontvangen die u inbrengt als beroepskosten.

Voorbeeld: tijdens de vakantie wordt u door uw kind geholpen in de familiale slagerij en u trekt zijn loon af van uw inkomsten als beroepskosten. Op dat moment is uw kind niet meer ten laste!

Opgelet!

Het belastbare tijdperk (m.a.w. het jaar waarin u inkomsten hebt verkregen) mag niet verward worden met het aanslagjaar (m.a.w. het jaar waarin u uw inkomsten aangeeft).

Meer informatie?

  

Kan ik iemand die in 2010 overleden is ten laste nemen?

De kinderen die overleden zijn in de loop van het belastbare tijdperk (voorbeeld: in 2010), worden geacht nog deel uit te maken van uw gezin op 1 januari van het aanslagjaar (voorbeeld: aanslagjaar 2011), op voorwaarde dat:

  • zij reeds ten laste waren in het voorgaande aanslagjaar (d.w.z. aanslagjaar 2010, inkomstenjaar 2009) of
  • zij geboren zijn in de loop van het belastbare tijdperk (d.w.z. in 2010).

De andere personen die in aanmerking komen om ten laste te zijn, maar die in de loop van het belastbare tijdperk (voorbeeld : in 2010) overleden zijn, worden geacht nog deel uit te maken van uw gezin op 1 januari van het aanslagjaar (voorbeeld : aanslagjaar 2011), op voorwaarde dat zij reeds ten laste waren in het voorgaande aanslagjaar (d.w.z. aanslagjaar 2010, inkomstenjaar 2009).

  

De persoon waarmee ik een feitelijk gezin vorm heeft geen inkomen. Kan ik hem/haar ten laste nemen?

Neen, want hij/zij behoort niet tot de personen die in aanmerking komen om ten laste te zijn.

  

Wat is het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen om fiscaal ten laste van iemand te blijven?

De nettobestaansmiddelen van de persoon die in aanmerking komt om te uwen laste te zijn, mogen een bepaald bedrag niet overschrijden.

Opgelet!

Voor kinderen ten laste verschilt dit bedrag naargelang u als alleenstaande wordt belast of samen met uw echtgenoot of wettelijk samenwonende partner wordt belast.

De hiernavolgende tabellen geven u de cijfers voor de inkomensjaren 2009 en 2010 (aanslagjaren 2010 en 2011).

1°) Kinderen ten laste:

Indien u belast wordt … Maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen
Inkomsten
in 2010
samen met uw echtgenoot of
wettelijk samenwonende partner
2890
als alleenstaande en
het kind wordt fiscaal gezien …
niet als gehandicapte beschouwd 4170
als gehandicapte beschouwd 5290

2°) Andere personen ten laste:

Maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen
Inkomsten in 2010
2890

Meer informatie?

  

Wie mag een kind ten laste nemen tijdens het jaar waarin zijn ouders huwen?

Indien u in 2010 bent gehuwd, moeten uw echtgenoot en uzelf normaalgesproken elk afzonderlijk een belastingaangifte indienen.

Indien u samen reeds een kind had, mag dat kind slechts door één echtgenoot ten laste worden genomen.

U moet zelf om, bij het invullen van uw aangifte, aanduiden wie van beiden het kind ten laste neemt en bijgevolg als gezinshoofd wordt beschouwd.

Opgelet!!!

Het is uitgesloten dat eenzelfde kind tegelijkertijd door meerdere personen ten laste wordt genomen.

  

Wie mag de kinderen ten laste nemen wanneer de ouders een feitelijk gezin vormen?

Wanneer de ouders een feitelijk gezin vormen, dan kan hun kind slechts ten laste zijn van diegene die als gezinshoofd beschouwd wordt.

Wanneer u een feitelijk gezin vormt, dan moet u zelf, bij het invullen van uw aangifte, aanduiden wie van beiden het kind ten laste neemt en bijgevolg als gezinshoofd wordt beschouwd.

Opgelet!!!

Het is uitgesloten dat eenzelfde kind tegelijkertijd door meerdere personen ten laste wordt genomen.

  

Mag ik mijn kind ten laste nemen wanneer het een onderhoudsuitkering krijgt?

Om te bepalen of uw kind, dat in 2010 van de andere ouder een onderhoudsuitkering heeft gekregen nog ten laste is voor het aanslagjaar 2011 (inkomstenjaar 2010) moet u het bedrag van de netto-bestaansmiddelen van het kind berekenen en het vergelijken met het maximumbedrag van de nettobestaansmiddelen om fiscaal ten laste te blijven.

Verschillende stappen zijn nodig om het bedrag van de nettobestaansmiddelen te bepalen, wanneer die bestaansmiddelen uitsluitend bestaan in door de andere ouder toegekende onderhoudsuitkering :

1. Bepaal het BRUTObedrag van de bestaansmiddelen van het kind

Trek daarvoor 2 890 euro af van de uitkering die het kind ontvangen heeft.

Voorbeeld

Onderhoudsuitkering van 6 000 euro
Te beschouwen als brutobestaansmiddelen: 6 000 euro - 2 890 euro = 3 110 euro

2. Bepaal het NETTObedrag van de bestaansmiddelen van het kind

Voorbeeld:

Brutobestaansmiddelen (onderhoudsuitkering): 3 110 euro (zie hierboven)
Forfaitaire kosten: 3 110 euro x 20 % =  622 euro
Bedrag van de netto-uitkering: 3 110 euro - 622 euro = 2 448 euro

De nettobestaansmiddelen (ervan uitgaande dat het kind geen andere inkomsten heeft)
bedragen dus 2 448 euro .

Meer informatie?

  

Zie ook …