Algemene Administratie van de
fiscaliteit
  
     
Zoeken op de site   
  Internet FR   
  Home NL   
  Adressen van de federale
  belastingadministraties
  
  FINPROF   
  Fisconetplus   
  Adobe acrobat reader   
Gemeenschappelijke informatie   
  Belangrijke data   
  Nieuwigheden   
  Formulieren   
  Lijst publicaties   
   algemeen   
   fiscaliteit   
  Organigram   
Sector BTW   
  Meest gestelde vragen (FAQ)   
  BTW-identificatie   
  Intracommunautaire
  BTW-nummers
  
Sector directe belastingen   
  Meest gestelde vragen (FAQ)   
  Geregistreerde aannemers   
  Auteursrechten en naburige rechten   
  Spaarrichtlijn 2003/48/EG   
  Exit Tax   
  Personen belastingen-aangifte   
   Hulp bij het invullen Aj.2012   
   aangifte aanslagjaar 2012   
   berekeningsmodule Aj.2012   
   Tax-on-web   
   dividenden van buitenlandse
oorsprong geïnd in het buitenland
(aanslagvoet van 15%)
  
  Vermindering PWA-cheques   
  Vermindering dienstencheques   
  Roerende voorheffing   
   Aandelen uitgegeven met
STRIP-VVPR
  
  Berekening bedrijfsvoorheffing   
  Tarieven van de gemeente-
  en agglomeratiebelasting
  
  Giften   
   Instellingen   
   Rapport Contactgroep   
  Bezoldiging voor een dienstbetrekking   
  Bericht aan ...   
   inwoners van Duitsland werkzaam
in België
(Nl, Fr, De)
  
   inwoners van Nederland werkzaam
in België
  
  Voordelen van alle aard   
  Berichten aan de werkgevers
  en schuldenaars van inkomsten
  
   fiches en opgaven (Nl, Fr, De)   
   bedrijfsvoorheffing op
bezoldigingen studenten
  
   geschenken van geringe
waarde en sociale voordelen
  
   eigen kosten van de werkgever   
  Investeringsaftrek   
  Tax shelter   
  Vrijstelling bijkomend
  personeel wetenschappelijk
  onderzoek en uitvoer
  
  Indexering   
  Berekening van de
  investeringsreserve
  
  Automatische ontspannings-
  toestellen
  
  Vennootschapsbijdrage
  (sociaal statuut der zelfstandigen)
  Attest van non-activiteit
  

Bestaansmiddelen


Wat wordt er verstaan onder "bestaansmiddelen"?

Het begrip "bestaansmiddelen" is zeer ruim .

Het gaat om alle regelmatig of toevallig verkregen inkomsten zoals bijvoorbeeld:

  • lonen;
  • inkomsten afkomstig van onroerende goederen waarvan u eigenaar bent (indien u meerderjarig of ontvoogd bent);
  • inkomsten uit kapitalen (indien u meerderjarig of ontvoogd bent);
  • onderhoudsuitkeringen;

Worden daarentegen niet beschouwd als bestaansmiddelen:

  • de eerste schijf van 2 360 euro (voor het inkomstenjaren 2009 en 2010) van de bezoldigingen verkregen door studenten in uitvoering van een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten;
  • onderhoudsuitkeringen die ter uitvoering van een gerechtelijke beslissing, waarbij het bedrag ervan met terugwerkende kracht wordt vastgesteld of verhoogd, zijn betaald na het belastbare tijdperk waarop ze betrekking hebben;
  • de eerste schijf van 2 830 euro (voor het inkomstenjaren 2009 en 2010) van de onderhoudsuitkeringen die aan de kinderen zijn toegekend;
  • wettelijke kinderbijslagen, kraamgelden en adoptiepremies;
  • studiebeurzen;
  • premies voor het voorhuwelijkssparen;
  • inkomsten verkregen door een gehandicapte persoon, die in principe recht heeft op de tegemoetkomingen aan gehandicapten zoals bepaald in de wet van 27 februari 1987, ten belope van het maximumbedrag waarop deze persoon volgens deze wet recht heeft
  • bezoldigingen verkregen door gehandicapten ingevolge hun tewerkstelling
    in een erkende beschutte werkplaats.

Top

Op welke manier worden de nettobestaansmiddelen bepaald?

Het bedrag van de bestaansmiddelen waarmee rekening wordt gehouden, is een nettobedrag.

Dat betekent dat van het ontvangen bedrag kosten mogen worden afgetrokken.

Die kosten zijn:

  • ofwel de werkelijk bewezen kosten;
  • ofwel een forfaitair bedrag van 20 %, met een minimum van 390 euro (voor de inkomenstenjaren 2009 en 2010) voor de bezoldigingen en de baten van vrije beroepen of van andere winstgevende bezigheden.

Om het nettobedrag te berekenen moet u steeds van het brutobedrag vertrekken.

Lonen

Voor de lonen wordt het brutobedrag van de bestaansmiddelen verkregen:

  • na aftrek van de sociale bijdragen,
  • maar voor aftrek van de belasting die aan de bron is ingehouden. Als geen enkele belasting aan de bron is ingehouden, stemt het brutobedrag dus overeen met het werkelijk betaalde bedrag.

Voorbeeld:

  • brutoloon: 5 000 euro;
  • terugbetaling van de kosten voor woon-werkverplaatsingen: 25 euro;
  • ingehouden sociale bijdragen: 15 euro;
  • belasting ingehouden aan de bron: 50 euro.

Het werkelijk betaalde bedrag bedraagt dus: 5 000 euro + 25 euro - 15 euro - 50 euro = 4 960 euro, maar het brutobedrag van de bestaansmiddelen is gelijk aan: 5 000 euro+ 25 euro - 15 euro = 5 010 euro.
 
Opgelet!  

Indien dit loon verkregen werd in uitvoering van een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten moet u (voor de inkomstenjaren 2009 en 2010) 2 360 euro aftrekken om het brutobedrag van de bestaansmiddelen te berekenen.

Onderhoudsuitkeringen

Wanneer de bestaansmiddelen bestaan in onderhoudsuitkeringen die door een van uw ouders gestort zijn, moet u 2 830 euro (voor de inkomstenjaren 2009 en 2010) ervan aftrekken om het brutobedrag van de bestaansmiddelen te bepalen.

Die eerste schijf van onderhoudsuitkeringen wordt inderdaad niet als bestaansmiddel beschouwd.

Zo wordt voor een onderhoudsuitkering van 3 000 euro die u in 2010 door uw vader is toegekend, slechts het gedeelte boven 2 830 euro, d.w.z. 170 euro, beschouwd als brutobestaansmiddel.

Het is dus mogelijk dat men voor de berekening van de netto bestaansmiddelen 3 verschillende berekeningen moet maken.

Een voorbeeld zal dit verduidelijken :
Ontvangst van € 2000 bruto belastbare bezoldiging uit een gewone arbeidsovereenkomst, € 5000 onderhoudsgeld en € 3000 bruto belastbare bezoldiging uit een contract studentenarbeid

Berekening nettobedrag bestaansmiddelen bij ontvangst van bezoldigingen in inkomstenjaar 2010 (geen contract studentenarbeid)
Bruto belastbare bezoldigingen (“ code 250”) – 20% forfaitaire kosten met een minimum van € 390 = netto bestaansmiddel

2 000,00 bruto belastbare bezoldiging
- 400,00 (20 % kosten met een minimum van 390,00)
1 600,00 netto bestaansmiddel


Berekening nettobedrag bestaansmiddelen bij ontvangst van onderhoudsuitkeringen voor inkomstenjaar 2010
(Onderhoudsuitkeringen - € 2830 vrijstelling) x 80% = netto bestaansmiddel

  5 000,00 bruto onderhoudsgeld
- 2 830,00 vrijstelling (AJ 2011)*
  2 170,00
     X 80%
  1 736,00 netto bestaansmiddel

Indien de vrijstelling groter is dan het ontvangen bedrag wordt het netto bestaansmiddel hieruit “0”,men kan niet negatief gaan.

Berekening nettobedrag bestaansmiddelen bij ontvangst van bezoldigingen in het kader van studentenarbeid voor inkomstenjaar 2010
(Bruto belastbare bezoldiging (code 250) - € 2360 vrijstelling) – 20 % forfaitaire kosten met een minimum € 390 = netto bestaansmiddel

  3 000,00 bruto belastbare bezoldiging
- 2 360,00 vrijstelling 1e schrijf van € 2.360,00 (aj 2011)*
     640,00
   - 390,00 (20 % kosten met een minimum van 390,00)
     250,00 netto bestaansmiddel

* Indien de vrijstelling groter is dan het ontvangen bedrag wordt het netto bestaansmiddel hieruit “0”,men kan niet negatief gaan.


Zodoende bedragen de bestaansmiddelen :
1.600,00 + 1.736,00 + 250,00 = 3.586,00
In dit voorbeeld zou het kind niet meer ten laste zijn van gehuwden (max. = 2.830) maar wel van een alleenstaande (max = 4.080)

Top

Berekening van de nettobestaansmiddelen

Voorbeeld 1:

U bent student en woont samen met uw moeder en haar tweede echtgenoot. U werkt in 2010 volgens een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten. Na aftrek van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt u voor deze job 5 000 euro. Aan de bron werd geen belasting ingehouden. U bewijst geen werkelijke kosten. Van uw vader ontvangt u een onderhoudsuitkering van 5 000 euro per jaar.

Wat is het nettobedrag van uw bestaansmiddelen?
 

Inkomsten 2010 Bruto
bestaansmiddelen
Forfaitaire kosten Netto
bestaansmiddelen
Loon: 5 000 € 5 000 € - 2 360€=
2 640 €
2 640 € x 20 % = 528 € 2 640 € - 528 € = 2112 €
Ontvangen
onderhoudsuitkering:  5 000 €
5 000 € - 2 830 € = 2 170 € 2 170 € x 20 % = 434 € 2 170 € - 434 € = 1 736 €
Totaal bedrag van de netto bestaanmiddelen 3 848 €

Uw moeder en haar tweede echtgenoot worden gezamenlijk belast en het nettobedrag van uw bestaansmiddelen overschrijdt 2 830 euro (= maximumbedrag voor de inkomsten 2010). U wordt dus voor het inkomstenjaar 2010 fiscaal niet meer als ten laste van uw moeder en haar tweede echtgenoot beschouwd.

Voorbeeld 2

U bent student en woont bij uw moeder, die gescheiden is en dus als alleenstaande wordt belast. U werkt in 2010 volgens een overeenkomst voor tewerkstelling van studenten. Na aftrek van de sociale zekerheidsbijdragen ontvangt u voor deze job 4 000 euro. Aan de bron werd geen belasting ingehouden. U bewijst geen werkelijke kosten. Van uw vader ontvangt u een onderhoudsuitkering van 5 000 euro per jaar.
 

Inkomsten 2010 Bruto
bestaansmiddelen
Forfaitaire kosten Netto
bestaansmiddelen
Loon: 4 000 € 4 000 € - 2 360€=
1 640 €
1 640 € x 20 % = 328 € met een minimum van 390€ 1 640 € - 390 € = 1 250 €
Ontvangen
onderhoudsuitkering:  5 000 €
5 000 € - 2 830 € = 2 170 € 2 170 € x 20 % = 434 € 2 170 € - 434 € = 1 736 €
Totaal bedrag van de netto bestaanmiddelen 2 986 €

U bent nog fiscaal ten laste van uw moeder voor het inkomstenjaar 2010 want zij wordt als alleenstaande belast en het bedrag van uw nettobestaansmiddelen is niet hoger dan 4 080 euro (= maximumbedrag voor de inkomsten 2010).

Top

Bijkomende inlichtingen ?


Voor meer inlichtingen over de weerslag van de studentenarbeid op de belastingtoestand van de student en die van zijn ouders kunt u terecht bij :

Het contactcenter van de Federale Overheidsdienst FINANCIEN : 0257/257 57
De plaatselijke taxatiedienst. De adressen en telefoonnummers zijn terug te vinden in de telefoongids in de rubriek "Ministeries - Financiën - Belastingen en invordering - Sector Taxatie Directe belastingen" ;
De Federale Overheidsdienst FINANCIEN - Administratie van de ondernemings- en inkomensfiscaliteit,
North Galaxy - Koning Albert II laan 33, bus 25 - 1030 Brussel
 
Top